Rasgroepen honden

Door de jaren heen hebben we honden van allerlei 'pluimage' gefokt. Er zijn nu ongeveer 350 geregistreerde rassen wereldwijd. De meeste zijn ontstaan in vroeger tijden vanuit een gebruiksfunctie voor de mens.

De diverse rassen worden onderverdeeld in rasgroepen. Een groep bestaat uit rassen met min of meer dezelfde gebruiksfunctie. Vanwege die gebruiksfunctie vertonen honden binnen een rasgroep overeenkomsten qua uiterlijk maar ook wat hun gedrag betreft.

Om u een beeld te geven van de (verschillen tussen de) rassen, geven we hieronder per rashondengroep enkele kenmerken van de groep aan. Natuurlijk is elke hond een individu en kun je ze niet alle over één kam scheren. Het overzicht hieronder geeft echter wel een globaal beeld van de rassen die binnen een groep vallen.

Herdershonden en veedrijvers
(zoals de Briard, Duitse Herder, Mechelse herder, Schapendoes)
Herdershonden zijn middelgrote tot grote honden met een lijf dat erg lijkt op het lichaam van een wolf. De vacht is meestal beschermend tegen weersinvloeden. Deze honden hebben vaak staande oren en een spitse driehoekige snuit. Herdershonden zijn gericht op hun eigen groep. Dit kunnen mensen, honden maar ook andere dieren zijn, als deze bij de groep horen. Ze zijn groeps- en territoriumgericht, reageren vaak sterk op dingen die om hen heen gebeuren en zijn altijd in voor actie.

Voordelen: het zijn honden die graag en gemakkelijk leren. Ze blijven vaak dichtbij de eigen groep en hebben daardoor minder de neiging om weg te lopen. Sport en spel vinden deze honden vaak fantastisch. Een actief leven is hen op het lijf geschreven.

Nadelen: het zijn honden die gemaakt zijn voor actie, krijgen ze dit onvoldoende, dan gaan ze vaak zélf op zoek naar actie. Dat kan vorm krijgen door bijvoorbeeld het najagen van mensen of fietsers. Onbekende mensen en honden zijn niet automatisch vrienden van deze honden. Vanuit waaksheid en beschermdrift wil hij deze soms verjagen uit zijn territorium en bij zijn groep vandaan.

Pinschers, schnauzers, molossers, Zwitserse sennenhonden
Pinschers en schnauzers (zoals de Dwergschnauzer, Duitse Pinscher)

Deze honden hebben pezig gespierde en lenige lijven. De pinschers zijn kortharig en de schnauzers ruwharig. De meeste pinschers en schnauzers zijn actief, alert en fel van aard.

Voordelen: meestal blijven ze dichtbij haard en huis, ze zijn er in groot (70 cm schofthoogte) en heel klein (30 cm. schofthoogte) formaat. Ze zijn attent op hun omgeving en hen zal weinig ontgaan. Leren gaat hen goed af (en dat geldt voor gewenst en minder gewenst gedrag), maar ze kiezen vaak zelf of iets wel of niet de moeite (van het leren) waard is.

Nadelen: het waakinstinct en hun wakkere natuur kan ze nerveus en blafferig maken. Het zijn geen hartelijke familiehonden, met andere mensen dan hun baas hebben ze vaak minder op.

Molossers
(zoals Bordeaux Dog, Newfoundlander) en Zwitserse Sennenhonden

Molossers zijn zwaarder gebouwde honden, meestal met een dichte vacht, een groot hoofd met korte snuit. Ook deze honden zijn bijzonder aan hun groep gehecht zijn. Ze hebben graag een terrein tot hun beschikking om over te waken. Het zijn over het algemeen minder actieve honden, die minder geschikt zijn voor lange wandelingen of fietstochten. Ze zijn niet makkelijk van hun stuk te brengen en meestal rustig in huis. Waakzaamheid en zelfstandigheid zit in hun aard.

Voordelen: een molosser is over het algemeen rustig en zal je niet voor de voeten lopen. Dagelijkse lange wandelingen zijn minder nodig en ook is het niet nodig de hond voortdurend bezig te houden. Het zijn prima waakhonden met een krachtige preventieve werking.

Nadelen: iemand die buitengewoon actief wil zijn met zijn hond, kiest met een dogachtige een verkeerde hond. Daarnaast zijn het sterke honden met een eigen wil, die niet altijd makkelijk zijn te hanteren. Niet alle molossers kunnen op volwassen leeftijd goed om gaan met soortgenoten van de eigen sexe en ook tegen mensen die niet bij hun groep horen kunnen ze zich afstandelijk tot waakzaam opstellen.

Terriërs
(zoals Jack Russell, West Highland White terrier)
Ook terriërs heb je in diverse groottes en kleuren. Het zijn taaie, vasthoudende dieren en tot op zeer hoge leeftijd speels en actief. Ze zijn ruwharig of kortharig. De ruwharigen hebben geregeld een trimbeurt nodig. Ze zijn van nature minder geschikt om rustig samen te leven met andere, kleine huisdieren. Daarvoor is hun oorspronkelijke jachtinstinct nog te sterk aanwezig. Ook naar andere honden is de terriër niet altijd even tolerant.

Voordelen: met een terriër haal je een hele persoonlijkheid in huis. Je zult je niet snel vervelen. Het zijn doenerige honden die alles willen meebeleven, altijd in voor een spelletje.

Nadelen: Terriërs zullen zelden een stap opzij zetten als iemand ze dwars zit. Van nature hebben ze de neiging om het gevecht aan te gaan, zowel met honden als met mensen. Als eigenaar moet je je dus consequent en zelfverzekerd kunnen opstellen. Verveling ligt bij deze honden snel op de loer en dat kan leiden tot een scala aan vervelende hobby's, zoals het aanblaffen van passanten of het graven van gaten in de tuin.

Teckels
Teckels zijn honden met korte pootjes en lange ruggen. Er zijn langharige, ruwharige en kortharige teckels in verschillende groottes en kleuren. Teckels zijn eigengereide en zelfbewuste dieren die graag hun neus achterna en op jacht gaan.

Voordelen: het zijn grote honden in zakformaat. Met een teckel haal je veel hond in huis, ookal is hij klein van stuk. Hun aanpassingsvermogen is vrij groot, een groot of klein huis, regelmatig wat kortere of langere wandelingen, het kan allemaal.

Nadelen: de relatief lange rug van de teckel maakt hem gevoelig voor rugproblemen. Blaffen is de teckel eigen: blaffen uit waaksheid, maar ook blaffen uit opwinding is een teckel meestal niet vreemd. Hun onverschrokken aard (in combinatie met hun kwetsbaarheid) kan tot problemen leiden met andere honden.

Spitsen en oertypen
(zoals Alaskan Malamute, Siberische Husky, maar ook Mexicaanse en Peruaanse naakthond)
Veel van de honden in deze groep, doen aan wolven denken door hun dichte uitstaande vacht en hun rechtopstaande oren. Hun lijven zijn vaak net zo krachtig als hun karakter. Levenslust en pittigheid omschrijven deze honden goed. Veel van de rassen tonen nog een hoge mate van natuurlijk gedrag, zoals jachtgedrag. Er vallen echter ook andere oertypen in de rasgroep, zoals de naakthonden.

Voordelen: voor de sportieve eigenaar zijn dit de honden die onvermoeibaar mee kunnen op pad. Hun gehardheid maakt het buitenleven makkelijk voor ze. Hun natuurlijk gedrag is vaak een lust om te observeren. De naakthonden zijn hierin uiteraard anders en hebben vaak een aanhankelijk karakter.

Nadelen: een aantal rassen uit deze groep heeft veel jachtinstinct en is niet te beroerd om prooidieren ook echt te doden (katten, schapen, kippen). Een hond uit deze rasgroep is meestal niet wars van een ommetje en zijn intelligentie maakt dat weinig constructies hem binnenhouden. Trekken aan de lijn is voor de meeste trekhonden een even grote hobby wanneer ze voor een slede staan als wanneer ze met een eigenaar op pad gaan. Bij de naakthonden kan de verzorging van de huid een flinke klus zijn!
Jachthonden (Basset, Cocker spaniel, Drentse patrijshond, Ierse setter, Labrador Retriever)
Jachthonden worden verdeeld in drie rasgroepen:

Lopende honden, zweethonden en verwante rassen
Staande honden
Retrievers en waterhonden
Jachthonden leven graag een actief leven. Een aantal van de rassen binnen deze groep staat bekend als 'zeer eigenwijs', een aantal juist als zeer gericht op samenwerking met de eigenaar.

Voordelen: de meeste honden in deze groep zijn vriendelijk naar mensen en dus ook naar vreemden. De sportieve rassen zijn in voor de meeste bewegingsvormen, sporten en spellen. De wat minder sportieve rassen zijn beter geschikt voor de minder actieve eigenaars.

Nadelen: de grootste hobby van veel jachthonden is het achterna gaan van hun neus. Een jachthond loopt niet weg. Hij loopt ergens achteraan. Een geurspoor, een wildspoor: weg is de hond. Voor de actieve rassen kan hun bewegingsbehoefte soms groter zijn dan die van de eigenaar en water, ook vies water, is voor veel van deze honden niet veilig. De modder nemen ze vervolgens graag mee naar huis.

Gezelschapshonden
(zoals Maltezer, Shih Tzu, Vlinderhond)
Gezelschapshonden zijn, zoals het woord al zegt, gesteld op gezelschap. Vaak zijn dit kleine, sterk behaarde honden die zeer veel vachtverzorging nodig hebben. Geringe afmetingen kunnen hen kwetsbaar maken. Vergis u echter niet, een gezelschapshond hoeft geen doetje te zijn! Er zitten soms pittige karakters bij en sportievelingen zijn er ook tussen te vinden.

Voordelen: gericht op en graag bij mensen. Over het algemeen is hun behoefte aan activiteit niet overmatig groot.

Nadelen: lang alleen zijn past niet bij deze honden. Vaak hebben ze bijzonder intensieve vachtverzorging nodig, dit kost tijd en geld. Omdat de meeste gezelschapshonden van oorsprong ook een waakfunctie hadden, blaffen ze meestal graag en veel.

Windhonden
(zoals Deerhound, Greyhound, Whippet)
Windhonden zijn gemaakt op hun snelheid. Meestal zijn het mensvriendelijke, zachtaardige honden die rustig zijn in huis en een grote voorkeur hebben voor een warme, comfortabele ligplek. Buiten ziet u de andere kant van de windhond. Rennen, heel hard rennen is waar ze goed in zijn. Daarbij laten ze zich graag leiden door hun jachtdrift. Wanneer ze zich op een prooi gericht hebben, zijn ze vaak nauwelijks nog te bereiken door bijvoorbeeld roepen. Het grote verschil met de (andere) jachthonden is dat de windhonden op zicht jagen en meer reageren op wat ze zien, dan op wat ze ruiken.

Voordelen: kalm gezelschap in huis, spectaculair renvermogen, stelt zich zachtmoedig op naar mensen en kinderen en blaft weinig tot niet.

Nadelen: neiging tot zichtjagen kan risico opleveren voor de hond en zijn omgeving. Wettelijk is het verboden voor deze 'lange' honden om los te lopen en soms is een hond van dit ras erg op zichzelf.

bron: www.hondenbescherming.nl


Gerelateerde Artikelen

Rashonden

Meer dan 60% van de in Nederland rondlopende honden is rashond en heeft een stamboom. De stamboom, een bewijs van afstamming van het betreffende dier.


Oorsprong hond

Volgens genetisch onderzoek zijn er op grond van verschillen in het mitochondriaal DNA vier verschillende groepen hondenrassen te onderscheiden.


Mijn hond een wolf?

Is mijn hond een wolf, Het wetenschappelijke antwoord hierop is ja. Ruim 15 duizend jaar geleden hebben onze voorvaderen deze wolf gedomesticeerd


Rasgroep 1

Rasgroep 1 valt onder te verdelen in 3 secties, hoeders, drijvers en bewakers, alle geselecteerd op de omgeving en het klimaat waarin ze werken.


Rasgroep 4

In rasgroep 4 vinden we de dashonden, deze brakkensoort werd zo genoemd omdat ze van oorsprong met name gebruikt werden voor de jacht op dassen maar ze werden



Vragen over je hond? stel ze op het Hondenforum